Craig Kallendorf, a former president of IANLS, has recently sold his personal library of texts, editions, and monographs, largely in Neo-Latin, to an independent book dealer who has listed them for sale on abe books.  The books are in very good condition and include material from many different presses, much of which is hard to find and is being offered at good prices.  This is an excellent chance for our members, especially younger scholars, to build their libraries in the field.  To find out what is available, please follow these steps:

At www.abebooks.com, click on “Sellers” in the menu bar

In the “Search by Name” field, type “Michener”

Select the only match: “Michener & Rutledge Booksellers”

At “Search Michener & Rutledge Booksellers,” type “Kallendorf” in the Keyword field

There is even a “Search within Those Results” option

After you open an account, you can communicate with the bookseller, Walter Michener, directly; I suspect, for example, that if you order several books, they can be combined into one package to reduce postage.  Mr. Michener is also happy to deal with your university library.

Hans van de Venne, Alles met mate. Levensregels van de Haarlemse kanunnik-schoolmeester Wilhelm van Assendelf voor drie uit zijn Leidse kostschool vertrekkende commensalen (1588). Venray 2018. 124 p., ill., prijs inclusief verzendkosten: € 20,-. Te bestellen via: hansvandevenne@outlook.com.

Dit is een prachtig uitgegeven boek met inscripties van Wilhelm van Assendelf (ca. 1540-1615) voor de alba amicorum van Leidse studenten die bij hem in huis woonden en naar de universiteit van Douai vertrokken: Hugo Gramaye, Blasius Bouquet en Jacobus Boschuysius. We kennen Hans van de Venne als een grondig vorser, dus het boek biedt veel meer dan alleen de albuminscripties. Het bevat ook levensbeschrijvingen van Van Assendelf zelf en de drie commensalen – op basis van nieuw onderzoek –, en beschrijvingen van vorm en inhoud van de alba. Het geeft zo een mooi en onverwacht inkijkje in het Leidse universiteitsleven aan het begin van de zeventiende eeuw. Het is bovendien in een prettige stijl geschreven. Tot slot zij vermeld dat het een eerbetoon is aan de Haarlemse antiquaar Ab van der Steur die de studie naar deze alba stimuleerde (hij had het album van Bouquet zelf in bezit) en Hans ondersteunde tot zijn dood in 2012. Van harte aanbevolen!

In april van dit jaar zal een vertaling uit het Latijn verschijnen van de dagboeken van aartsbisschop Petrus Codde: Een aartsbisschop aangeklaagd in Rome. Dagboeken over het verblijf van Petrus Codde te Rome, 1700-1703, inl. en vert. Dick Schoon (Hilversum: Veroren, 2019).

Aartsbisschop Petrus Codde was vanaf 1689 de leider van de katholieken in de Republiek. Net als zijn voorgangers ondervond hij veel tegenwerking en hij werd daarom door paus Innocentius XII ontboden om zijn beleid te verdedigen. Coddes verblijf in Rome duurde bijna drie jaar. Dankzij de dagboeken van hemzelf en van twee reisgenoten, door Dick Schoon integraal uit het Latijn vertaald en toegelicht, krijgen we inzicht in de tragedie die zich gaandeweg ontwikkelde. We horen over de audiënties bij de paus en de kardinalen, over het sociale en kerkelijke leven in Rome, over de dagelijkse bezigheden van de Hollanders en over de kringen waarin zij zich bewogen. De afloop was dramatisch: in 1702 werd Codde geschorst en in 1704 definitief afgezet. Deze maatregelen leidden in de Republiek tot een storm van protest en een splitsing onder de katholieken en uiteindelijk tot twee gescheiden katholieke kerkgenootschappen.

Houdt u de website van de uitgever in de gaten!

Op 27 november 2018 werd in Leiden het volgende boek gepresenteerd: Paul Brood, Gerard van Krieken, Jan Spoelder, De wijde wereld van Cornelis Pijnacker (1570-1645) (Zwolle: WBOOKS, 2018).

Geleerd, ambitieus, avontuurlijk, reislustig, ongedurig. Dat zijn de eigenschappen die naar voren komen in de biografie van Cornelis Pijnacker (1570-1645). Op eigenzinnige wijze bewoog hij zich in de academische wereld van Leiden en Groningen. Hij was een goed docent, onderhield een uitgebreid netwerk in de bovenlaag van de Nederlandse republiek. Hij kende Hugo de Groot persoonlijk en was bevriend met de rector van de Groninger universiteit Ubbo Emmius. Maar hij had ook politieke belangstelling, wilde hogerop in de diplomatie. In 1622 nam hij de opdracht van de Staten-Generaal aan om als gezant naar Noord-Afrika te gaan en in 1625 ging hij opnieuw naar dit gebied. Daar, in Barbarije, zoals de Europeanen het gebied noemden, kwam hij in een andere wereld, waar hij te maken kreeg met politieke intriges en machinaties, met de islam en christenslaven en met mensen met wie het kwaad kersen eten was. Bovendien kostten zijn gezantschappen hem meer dan ze hem opleverden.Op zijn oude dag ging hij in Drenthe aan de slag als jurist en maakte daar in 1634 de eerste kaart van de provincie. Als 66-jarige werd hij nog hoogleraar in Franeker, waar hij – 75 jaar oud – overleed. Het verhaal van Pijnackers leven geeft een verrassend beeld van de Nederlandse samenleving in de Gouden Eeuw, waarin de oorlog en de geloofsstrijd voortdurend doorschijnen. (Dirk van Miert)

Zie ook de website van de uitgever voor een inkijkexemplaar.

In november vorig jaar verscheen bij Brill een Engelse vertaling met annotatie en commentaar van Johannes Hoornbeecks De conversione Indorum et gentilium (1669), door Ineke Loots en Joke Spaans: Johannes Hoornbeeck (1617-1666), On the Conversion of Indians and Heathens.

Hoornbeeck zoekt in dit boek naar richtlijnen waarlangs gereformeerde predikanten, schoolmeesters en ziekentroosters de heidenen zouden kunnen bekeren. Hij analyseert daartoe de katholieke zendingsinitiatieven van zijn tijd, maar heeft vooral ook oog voor de verschillende culturen en religies van heidenen overzee. Met een beroep op de klassieke literatuur en patristiek en vanuit de uitgangspunten van de natuurlijke theologie en de gereformeerde dogmatiek doet hij een aantal aanbevelingen voor de praktijk. De tekst raakt zo aan de uiteenlopende onderzoeksinteresses zowel van ‘global history’ als moderne wetenschapsgeschiedenis, theologiegeschiedenis en religiegeschiedenis.

Het boek wordt op 1 maart 2019 gepresenteerd in Utrecht, Sweelinckzaal, Drift 21, 15.30-17.30 uur, met korte voordrachten van Jos Gommans (Universiteit Leiden, global history), Martha Frederiks (Universiteit Utrecht, religiewetenschap), Henk van den Belt (Vrije Universiteit, systematische theologie) en de auteurs. Aansluitend is er een receptie.

De toegang is vrij, maar in verband met de catering graag aanmelden: johannes.hoornbeeck@gmail.com.

Voor meer informatie over het boek zelf zie de website van Brill.

Ad Leerintveld schreef een recensie van Petrus Scriverius Harlemensis (1576-1660): A key to the correspondence, contacts and works of an independent humanist (Leiden: Foleor Publishers, 2018) van Michiel Roscam Abbing en Pierre Tuynman, dat op 28 september 2018 in Leiden werd gepresenteerd. De recensie verscheen in De Boekenwereld 34-4 (2018), maar kunt u ook hier lezen.

Onlangs verscheen Saxa Loquuntur. Latijnse inscripties in Rome (Leeuwarden: Eisma Edumedia, 2018) van Feyo Schuddeboom. Het boek is een kennismaking met Latijnse inscripties in de stad Rome.

Het boek begint met een bloemlezing van meer dan 60 inscripties op 35 locaties in Rome. Door deze teksten zelf te vertalen maakt de lezer kennis met een verscheidenheid aan Latijnse inscripties, makkelijk en moeilijk, pompeus en persoonlijk, van Scipio Barbatus tot Mussolini, op de meest bezienswaardige plekken in Rome. Na de bloemlezing volgen vier thematische hoofdstukken, waarin behalve de Latijnse tekst ook steeds de vertaling wordt gegeven van inscripties op obelisken, gedenkzuilen, fonteinen en gedenkplaten met betrekking tot Tiberoverstromingen.

Zie de website van de uitgever voor meer informatie.

Onlangs is van Jeroen De Keyser Latijnse morfologie (Antwerpen: Pelckmans Pro, 2018) verschenen:

Latijnse morfologie bevat een volledige bespreking van de verbuigingen en vervoegingen van het klassieke Latijn. Ook talrijke relevante uitzonderingen en bijzonderheden die in vele schoolboeken onvermeld blijven, komen aan bod. Bijzondere aandacht wordt besteed aan de ontwikkelingen in het postklassieke Latijn.

Met een heldere opmaak en overzichtelijke tabellen is Latijnse morfologie een onmisbaar naslagwerk voor iedereen die met Latijnse teksten bezig is: docenten Latijn op alle niveaus, historici en andere onderzoekers, en geïnteresseerde lezers.

Zie de website van de uitgever voor meer informatie.

Vorig jaar verscheen het vijfde en laatste deel van de reeks Marnixi Epistulae, een kritische editie van de correspondentie van Marnix van St-Aldegonde: Rudolf De Smet, ed., iuvantibus Filip Vanhaecke en Tim Wauters, Marnixi Epistulae Pars V (1585-1598) (Wetteren: Universa Pers – Brussel, University Press, 2017).

Post Navigation